Witjes & weetjes

WIST U DAT...

...het formaat van een Oud Hollands witje van oorsprong gemeten werd in "duimen" een afgeleide van de Engelse Inch, gelijk aan 25,4 mm. De mal waarmee het tegeltje werd gemaakt was standaard vijf en een halve duim. Afhankelijk van de gebruikte klei bleef na het bakken een tegel van ongeveer 13,2 centimeter over.
In de 19e eeuw werd het metrieke stelsel ingevoerd en kreeg het witje zijn hedendaagse maat: 13 x 13 centimeter.

....spijkergaatjes in sommige oude tegels zijn ontstaan door de manier waarop die werden gemaakt?. Het plankje wat als maat diende werd op een uitgerold plakje klei gelegd en rondom uitgesneden. Daarbij mocht het plankje niet verschuiven en daarom sloeg men in de hoeken klein spijkertjes die in de klei drukten, het plankje op zijn plaats hielden en daar een gaatje achterlieten.

...het ontstaan van een Oud Hollands witje te danken is aan de Delftsblauw industrie, die in de gloriedagen van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) tijdens de Gouden Eeuw hoogtij vierde.
De Amsterdamse kooplieden van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) brachten een nieuw product mee uit China: het beschilderde Porselein. Wit en hard en daarom geschikt als serviesgoed. Maar in Nederland zit geen porseleinaarde in de grond, maar wel iets wat daarop leek: de "Pijpaarde" die in de buurt van Gouda en Delft te vinden was en waar Goudse pijpen van werden gemaakt.
Deze witte klei werd bedekt met een glazuurlaag die de uiterlijke kenmerken van Porselein had. Zo ontstond de "Delfts Blauw" industrie, als imitatie van het Chinees Porselein. De tegel was een bijproduct van deze "Porseleinbakkers".

...een geglazuurde tegel in die dagen het enige bouwmateriaal was, wat een vochtige muur tegen "doorslaan" kon behoeden. Daarom voorzag het in een behoefte en werd het al snel een zelfstandige industrie met name in Friesland, waar klei volop aanwezig was.
De tegels werden vanuit Friesland verscheept over de Zuiderzee naar Amsterdam, waar het ene pakhuis na het andere werd gebouwd en gracht na gracht gegraven. In de 17e (Gouden) eeuw was Amsterdam een stad waar het inwoneraantal in 100 jaar tijd was verdubbeld.
De kelders van die de koopmanswoningen werden betegeld en daardoor minder vochtig en beter geschikt voor opslag van dure handelswaar.

...een Hollands witje om die reden ook zonder voeg, zo dicht mogelijk tegen elkaar aan werden gezet. Voegmiddel was nog niet van de Gamma en bestond net als metselspecie uit kalkmortel wat niet waterdicht is en zelfs water opzuigt.

...de gewenste kwaliteit van een Oud Hollands witje al vroeg werd beschreven als "wit, vlak, zonder putten, spikkels en scheuren ". Dat ging allemaal naar Amsterdam als "eerste keus". Grijze tegels die vooraan in de oven hadden gestaan, of roze die niet genoeg temperatuur hadden gekregen of kratertjes in het glazuur hadden, werden afgekeurd en als tweede keus verkocht aan boeren voor wie de tegel geen statussymbool was, maar die het wel handig vonden voor het melkstraatje of achter de schouw.

Daarom ziet men nu nog in herenhuizen meestal witjes van een en dezelfde tint en in boerderijen achter de kachel, kelders, keukens en ander plaatsen waar het niet zo nauw kwam, wanden met allerlei verschillende tinten.

...Potterie Tegelbakkerij Joop Beekwilder nu met 10 verschillende tinten vreselijk zijn best doet om die "tweede keus" tinten zo authentiek mogelijk na te maken om die nu te kunnen verkopen als de allerbeste kwaliteit "eerste keus".